In de ARCADIS-pensioenregeling betaalt de werkgever een zogenaamde "vaste premie". Deze premie fluctueert van jaar tot jaar. De redenen voor deze fluctuaries zijn de samenstelling van het verzekerdenbestand. Met name gaat het daarbij om de hoogte van de salarissen en de verdeling naar leeftijd.
Nadat de werkgever de "vaste premie" heeft betaald, is hij niet gehouden om welke betalingen dan ook te doen. Deze systematiek staat bekend als collective definied contribution (afgekort: CDC) oftewel collectief beschikbare premieregeling. De werkgever staat dus niet garant voor de pensioenrechten, maar alleen voor het betalen van de kostendekkende premie voor de jaarlijkse pensioenopbouw en de risicopremies, een aantal opslagen en een bijdrage in de uitvoeringskosten.
De premie is normaal gesproken voldoende, maar bij tegenvallende beleggingsopbrengsten zouden er bij het pensioenfonds toch tekorten kunnen ontstaan. In dat geval springt de werkgever niet bij.
Wie betaalt wat?
Het grootste deel van de pensioenpremie wordt betaald door de werkgever in de vorm van de genoemde "vaste premie". Deelnemers betalen 6% van de pensioengrondslag (het bruto jaarsalaris minus een franchise van
€ 12.582). Deelnemers kunnen op hun salarisstrook maandelijks zien hoeveel premie zij individueel afdragen ten behoeve van de opbouw van pensioen.
De pensioenpremie wordt ingehouden op het brutosalaris. Netto kost het dus minder. Parttimers betalen naar rato pensioenpremie.